politiek

Vertrouwelijk

Prime Minister Wilson op audiëntie bij Queen Elizabeth (The Crown, S3A3, Aberfan, 1966)

Er zijn momenten waarop belangrijke dingen voor je leven voorbij komen, vaak op plaatsen en tijden waarop je dit niet verwacht. Als dat gebeurt en je weet dat moment te pakken, dan geeft dat een geweldig gevoel. Dat komt, omdat het meestal een nieuwe impuls betekent voor de dingen waar je mee bezig bent. Het is goed om daar eens bij stil te staan, omdat al die momenten bij elkaar in feite de loop van je leven bepalen.

Tevens is het goed om te beseffen dat het ook anders had kunnen lopen. Zo’n moment had onopgemerkt voorbij kunnen gaan. Als je er maar even met je hoofd niet bij was geweest, dan had je het gemist. Waarschijnlijk was het nooit meer langs gekomen en was je leven, hoe subtiel ook, een andere richting uitgegaan.  

Onlangs had ik weer zo’n moment. Ik keek naar de Netflix-serie The Crown, een aflevering met de titel Aberfan. Aan het eind van die aflevering, een moment waarop de aandacht van de kijker al wat kan verslappen, doet de toenmalige Labour Prime Minister Harold Wilson een ontboezeming van bijzondere betekenis, die mij – gelukkig – net niet is ontgaan. De ontboezeming vindt plaats als Wilson op audiëntie is bij Queen Elizabeth (1966). Ze bespreken de nasleep van de verschrikkelijke mijnramp die tien dagen eerder plaats heeft gevonden in Wales, in het dorp Aberfan, waarbij veel slachtoffers zijn gevallen, waaronder 116 kinderen.

Er was veel kritiek geweest op Queen Elizabeth die de rampplek pas na negen dagen bezocht had. Ze schaamt zich daar achteraf diep voor. Haar reactie kwam veel te laat voor de bevolking. De mensen van Aberfan ‘deserved a display of compassion, of empathy of their Queen’ zo stelt ze. Wilson sussend: ‘And you gave that yesterday.” Elizabeth: ‘They got nothing! I dabbed a bone-dry eye and by some miracle, no one noticed’.  Daarna spreekt ze vrij depressief over haar gebrek aan gevoel, dat ze bij zichzelf heeft geconstateerd. Ze vraagt zich sterk af of er emotioneel iets mis met haar is. Wilson probeert haar gerust te stellen en zegt dat dit niet het geval is. Elizabeth: ‘How else would you describe it when something is missing?’

De innerlijke worsteling en kwetsbaarheid van Elizabeth en haar uitzonderlijke openhartigheid raken Wilson diep. Hij had al geprobeerd het minder zwaar voor Elizabeth te maken, maar voelt dat hij het daar niet mee redt. Hier moet op een dieper niveau iets gebeuren. Het gesprek valt even stil, alsof hij iets overweegt en dan doet hij zijn onverwachte ontboezeming. Zijn eerste zin geeft al aan dat er iets ongehoords gaat komen, dat niet voor de openbaarheid bestemd is: ‘These meetings are confidential, yes?

Wilson begint zijn betoog met een aantal onthullingen over zijn leven die je per definitie niet van een Labour-politicus verwacht: ‘I have never done a day’s manual work in my life. Not one….. I am an academic, a privileged Oxford don,…. not a worker……. I don’t like beer. I prefer brandy…. I prefer wild salmon to tinned salmon. ….Chateaubriand to steak and kidney pie. …And I don’t like pipe smoking. I far prefer cigars.’

Je ziet Elizabeth zich afvragen waar dit naar toe gaat. Op dat moment komt de wending in het verhaal van Wilson: ‘But cigars are a symbol of capitalist privilege. So, I smoke a pipe, on the campaign trail and on television. Makes me more …. approachable. Likable.’

Na deze vrijwillige zelf-ontmaskering van Wilson, die door Elizabeth ernstig, maar zonder reactie aangehoord wordt, komt hij met zijn boodschap voor haar: ‘We can’t be everything to everyone and still be true to ourselves.’

Met die zin zet hij het lastige dilemma neer, dat met het bekleden van hoge maatschappelijke functies gepaard gaat. De spanning tussen het eigen leven en de publieke zaak, de politiek. Leven vanuit je eigen waarden schiet er in die functies vaak bij in. Hij rechtvaardigt dit als volgt: ‘We do what we have to do as leaders. That’s our job. Our job is to calm more crises than we create.’

Na deze simpele definitie van leiderschap, vervolgt hij troostend: ‘That’s our job, and you do it very well indeed. And in a way, your absence of emotion is a blessing. No one needs hysteria from a head of state.’

Die opmerking komt aan bij Elizabeth, maar ze zegt nog steeds niets. Na een korte aarzeling in zijn betoog, waarin Wilson polst of Elizabeth het aan kan, sluit hij met enige schroom, maar onbarmhartig af met een onthutsende waarheid die de heersende opvatting over de rol van politieke leiders en hoogwaardigheidsbekleders volledig onderuit haalt: “And the truth is, …..we barely need humanity.’

Terwijl ze elkaar onderzoekend aankijken en de verregaande betekenis van die verbijsterende laatste woorden aftasten, is het doodstil in de ruimte. Plotseling staat Elizabeth op en eindigt het gesprek in het ‘ondergrondse’. Wilson en zij keren terug naar hun gewone wereld van alledag.

Zie hier het fragment: The Crown, S3A3, Aberfan, 44,55 -50.20. De filmbeelden van Netflix zijn auteursrechtelijk beschermd, waardoor ze niet op de pagina getoond kunnen worden.

Met dank en complimenten aan de tekstschrijver van The Crown voor dit unieke ‘moment’.