De manen van Jupiter

jupiter en galilesche manen-cindy meulblok

                                                De Galileïsche manen van Jupiter

Na een verfrissende blogvakantie van een maand waarin ik de wereld even heb losgelaten, pak ik het bloggen weer op. Ik blijf echter nog op veilige afstand van de bijzondere ondermaanse verwikkelingen die mij de afgelopen maanden hebben geïnspireerd. En dat voelt goed. Mijn Observaties zullen snel genoeg weer gelokt worden door de vertedering van de verwarrende avonturen van de menselijke soort. Ik geniet nog even na van de rust en harmonie in de hogere sferen van mijn mentale vakantie. Mijn Observatie gaat deze keer dan ook over de planeet Jupiter, die immense gasreus met een volume van 1321 keer de Aarde, die dagelijks, stilletjes, meestal onopgemerkt over onze hoofden voorbij trekt. Wie is zich daar eigenlijk van bewust?

Natuurlijk kennen de meeste mensen Jupiter wel van foto’s of van video-animaties over ons zonnestelsel. En we hebben allemaal op school kennisgemaakt met de sterrenwereld en de loop van de hemellichamen. Echter, dat dit hemelse spektakel allemaal daadwerkelijk plaatsvindt, valt gewoonlijk buiten onze bewuste waarneming. Weliswaar kunnen we met onze opgedane kennis een aardig woordje meepraten over het heelal, maar als je aan iemand vraagt of hij weet waar Jupiter feitelijk aan de hemel staat, dan is dat meestal niet het geval. Dat blijft mij verwonderen. Het geeft me altijd weer het gevoel dat veel van onze conversaties, bijvoorbeeld die over het heelal, gebaseerd zijn op plaatjes, televisiebeelden, lesmateriaal en ‘van horen zeggen’ en niet op persoonlijke observaties in de wereld zelf. En juist dat laatste, die eigen ontdekkingen en eigen kijk op dingen maken het leven en de mensen voor mij interessant. Dat is voor mij de motor achter de ontsluiting en ontwikkeling van het bestaan.

Voor wat betreft het heelal, word ik daarbij geweldig geholpen door de StarWalk-app op mijn iPhone waarmee ik probleemloos planeten kan opsporen. Zo heb ik Jupiter als heldere ster aan het firmament ontdekt en herken ik deze inmiddels ook zonder app. Om iets meer van Jupiter te kunnen zien, heb ik mijn Zeiss-verrekijker er wel eens op gericht. Met de maximale vergroting van die kijker (8x) blijft de planeet echter, hoe onvoorstelbaar groot ook, gewoon een ster tussen de sterren. Het verlangen om deze planeet daarom eens door een echte sterrentelescoop te bekijken en te zien wat je meestal slechts op foto’s ziet, laat me niet los. Het staat al lang en hoog op mijn bucketlist, want ik zou er ‘eeuwig’ spijt hebben als ik in dit leven geen tijd zou hebben gemaakt voor het waarnemen van de planeten. Ironisch genoeg, is het er desondanks nog niet van gekomen een observatorium te bezoeken.

Echter Jupiter kan recent toch van de bucketlist worden geschrapt. In de late avond van 17 februari 2015 liet ik de hond uit. Het was een koude, glasheldere nacht met de bekende sterrenbeelden aan de hemel. Ook Jupiter schitterde op volle sterkte. Aangezien het ondanks de kou niet onaangenaam was, kwam ik op het idee om toch maar eens mijn Swarovski-telescoop, die ik voor vogelwaarnemingen gebruik, in de achtertuin op te stellen en een nieuwe poging te wagen om Jupiter te zien. Ik verwachtte er weinig van.

Er gebeurde echter iets bijzonders. Door het zware statief en de sterke vergroting van de telescoop kreeg ik mijn waarnemingsobject al snel stabiel in beeld. Niet als trillende ster, zoals met de Zeiss-kijker, maar direct als een kleine bol, duidelijk herkenbaar als Jupiter. En dat niet alleen. De planeet was omringd door vier piepkleine manen die in één rechte lijn stonden. Ik wist niet wat ik zag. Mijn wereld had er opeens vier manen bij. Wauw!

Het prettige gevoel van avontuurlijke verwondering heeft mij in de daaropvolgende dagen nog steeds niet verlaten. Ik denk dat  Galileo Galilei, de ontdekker van deze vier manen, zich in 1610 precies zo moet hebben gevoeld, toen hij zijn zelf ontworpen telescoop voor het eerst op Jupiter richtte en met die waarneming een nieuw stukje van de wereld ontsloot.

Galileo Galileï achter zijn telescoop

                                                 Galileo Galileï achter zijn telescoop

5 comments

  1. Interessant om vast te stellen dat met deze “reïntegratie-blog” weer een ander deurtje bij de schrijver wordt geopend.

    Het onmetelijke van het heelal, het mysterie achter de sterren, onderwerpen die tot oneindig nadenken zouden kunnen leiden, ware het niet dat het nietige hier op aarde ons vaak van het ruimtelijke denken afhoudt.

    Dat jij tussen al jouw aardse beslommeringen van de laatste tijd toch nog tijd vindt om Jupiter te ‘ontdekken’ doet mij denken aan een oud indiaans spreekwoord: “Wie met zijn hoofd in de wolken loopt en met zijn voeten op de grond, is een waarlijk groot mens.”

    Welkom terug op de blog en fijn weekend.

    Greetzzz Erik

  2. Pp. 206 – 207 in ‘FOUR – A Rediscovery of the ‘Tetragonus Mundus’ – Marten Kuilman (1996/2011; ISBN 978-90-814420-1-5). See also: https://quadriformisratio.wordpress.com/2013/07/01/703/

    The Balance of Marriage (‘Huwelijkx Weegh-schael, waerin werdt overghewogen of ’t huwelyck goed of quaet is’; Hoorn, 1641, reprinted 1662) was the title page of a Dutch book by Jan Janzoon Deutel. It is a typical example of an illustration born in an oppositional frame of mind. Deutel’s most distinguished publication was the journal of Willem Ysbrantzoon Bontekoe: ‘The Memorable Account of the Voyage of the Nieuw Hoorn’ (1646) (SCHAMA, 1988).

    The ‘Leviathan Year’ is a newly coined name, inspired by the book of Thomas Hobbes ‘Leviathan’ (1651). The character of this year is not concerned with the contents of his book, but rather with its style. The book heralded an air of self-confidence, brought like a teacher: ‘For Reason is nothing but reckoning (that is, Adding and Subtracting) of the Consequences of general names agreed upon, for the marking and signifying of our thoughts; I say marking them, when we reckon by our selves; and signifying, when we demonstrate, or approve our reckonings to other men’ (Part I, Ch. V, p. 111).

    The dualistic representation of engraved title pages and frontispieces was typical for the period leading to the Leviathan Year (1650). ASHWORTH (1985) gave an interesting expose of some scientific title pages, which were full of (noncontroversial) allegorical elements in a dual setting. Johann Bayer’s ‘Uranometria’ (Augsburg, 1603), Francois Aguilon’s ‘Opticorum’ (Antwerp, 1613) and Johann Hevelius’ ‘Selenographia’ (Gdansk, 1647) are some examples, but there are many more.

    Symbolism became gradually an instrument in the dispute between Galileo and the Jesuits about the position of the earth in the cosmos. This scientific test case was the interesting results of consequent dualistic thinking (in combination with better means of observation). The telescope sparked Galileo’s discovery of the four moons of Jupiter. COHEN (1990) mentioned the Dutch mathematician and physicist Christiaan Huygens (1629 – 1695), who discovered a satellite of Saturn (in 1655) solely on numerological grounds: The perfect number of six (planets) and five secondary planets (one of the earth and four of Jupiter) changed into a perfect symmetrical picture’.

    Dit korte resumee uit het boek ‘FOUR’ kwam mij voor de geest toen ik je interessante verhaal over het waarnemen van de manen van Jupiter las. Voor een kort moment heb jij dezelfde ervaring gehad als Galileo en dat is – vanuit een menselijk perspectief – een belangrijk ijkpunt. De vaststelling dat je pas echt iets ziet als je het zelf ziet, is fundamenteel.
    ‘Marking’ en ‘signifying’ noemde Hobbes dat in zijn bovenstaande citaat, maar dat was in een wereld opgebouwd uit tegenstellingen. Die wereld moeten we achter ons laten. Nu moet de ‘Rede’ op een andere manier worden benaderd. De nieuwe redelijkheid raakt de kern van het moderne mens-zijn, waarbij een gigantische hoeveelheid informatie over ons wordt uitgestrooid. Lang niet alles kan meer worden gemarkeerd en van een betekenis worden voorzien als de begrenzing van het dichotome denken wordt weggehaald. Was het maar zo makkelijk als Jan Deutel ons toont op de voorplaat van zijn boek over de ‘Huwelijkx Weegh-schael’ …
    Wij moeten, als een Epicurus, de tuin in om onze eigen waarnemingen doen met de beste middelen, die ter beschikking staan. En als de vier manen van Jupiter dan te zien zijn, is dat prachtig, maar er moeten geen verdere numerieke conclusies uit worden getrokken (zoals Huygens deed). Het laat slechts de schaal zien, waarop gedacht kan worden. Gooi de spiegel en de weegschaal uit het raam en ga de tuin in!

  3. Op 28 mei 2015 richtte ik mijn telescoop op een ster die volgens mijn Star Walk app Saturnus moest zijn. Toen ik het bolletje met de ring in het vizier kreeg en scherp stelde, was de thrill bijna nog groter dan bij Jupiter. Deze planeet heeft door zijn vorm bij mij altijd tot de verbeelding gesproken en nu had ik hem eindelijk live in beeld. Tot mijn verwondering kon ik door mijn telescoop zelfs één van de vele manen van Saturnus zien. Het firmament krijgt langzaam diepte.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s