Onderwijs

Eerlijk gezegd ….??

Opwarming van de aarde en wat nu?

Ik weet niet hoe het anderen vergaat, maar bij discussies over klimaatverandering en in het bijzonder over de opwarming van de aarde, raak ik elke keer weer het spoor bijster. Ik probeer die discussies te volgen en mij een zuiver beeld van het vraagstuk te vormen, maar ik krijg er geen vat op. Dat het klimaat geen constante is en met de tijd verandert, kan ik mij goed voorstellen. Ook dat die veranderingen tot grote problemen en serieuze uitdagingen voor de mensheid kunnen leiden. Echter over de oorzaken en de richting van die klimaatverandering liggen de opvattingen nog zo ver uiteen, dat ik nog geen idee heb, waar ik aan toe ben en wat ik moet doen.

Is de opwarming van de aarde nu hoofdzakelijk aan menselijk gedrag te wijten, of is het vooral een onvermijdelijk gevolg van een natuurlijke klimaatcyclus? Of iets er tussenin? Zegt u het maar. Ook voor wat betreft de richting kunnen we blijkbaar nog alle kanten op. De scenario’s variëren zo’n beetje van: ‘verlies van al het ijs op de polen’ tot ‘een nieuwe ijstijd’. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat het maatschappelijke debat nogal chaotisch verloopt en er met name veel verwarring bestaat over de niet onbelangrijke vraag: wat te doen? Want waar moeten we beginnen en als we wat gaan doen, wie gaat dat dan betalen? De bedragen die bij sommige scenario’s genoemd worden, zijn zo astronomisch hoog, dat het alles en iedereen gaat raken, wat niemand goed uitkomt. Volg de nieuwsberichten. En om het geheel nog wat complexer te maken, steekt er ook nog iets anders de kop op: de schuldvraag: wie heeft de klimaatverandering veroorzaakt? Die vraag wakkert de strijd aan tussen de meer progressieve en behoudende stromingen binnen de samenleving. Het gevolg is dat het debat nóg meer vertroebelt en polariseert en inmiddels zijn ‘elegance’ totaal heeft verloren.

Zelf bezit ik niet het inzicht en de benodigde kennis om over het klimaatvraagstuk iets zinnigs te kunnen melden. Ik ben volledig aangewezen op de kennis van anderen die daar grondig studie van hebben gemaakt. Punt is alleen, dat die experts het niet met elkaar eens zijn. Zelfs de wetenschap, waarop mijn hoop uiteindelijk gericht is, geeft slechts beperkt inzicht. Wat sommige wetenschappers op basis van hun onderzoeken, modellen en feiten als de ‘waarheid’ over de klimaatverandering beschouwen, wordt weer door andere wetenschappers gerelativeerd op basis van andere onderzoeken, andere modellen en andere feiten. De uitkomsten zijn dus afhankelijk van hoe je naar de dingen kijkt én waar. Dat betekent, dat al die onderzoeksresultaten, bewijzen en conclusies context-gebonden zijn en daarmee te beperkt om algemene conclusies over dit wereldomvattende klimaatvraagstuk te kunnen trekken. Alleen al door de schaal is het vraagstuk waarschijnlijk veel complexer, dan over het algemeen wordt aangenomen. Die uitkomst is natuurlijk frustrerend voor de oplossingsgerichte doeners, hoe goed bedoeld ook, maar wel iets om bij het actieplan rekening mee te houden, dunkt me. Spijtig is dan weer, dat veel mensen, vooral in de politiek, toch al op basis van die beperkte en eenzijdige inzichten een onwrikbaar standpunt ten aanzien van klimaatvraagstuk lijken te hebben ingenomen en nu al schijnen te weten wat er moet gebeuren.

Hoe kijk ik als leek naar de problematiek? Als ik mijn eigen ervaring als uitgangspunt neem, dan merk ik feitelijk niets van een klimaatverandering. Of is dat te simpel gedacht? Toegegeven, we hebben de laatste jaren opvallend warme zomers gehad en dat vond ik, eerlijk gezegd, best prettig. Als ik het zuiver bekijk, bestaat de klimaatverandering slechts als voorstelling in mijn hoofd; een voorstelling die dagelijks wordt gevoed met media-beelden van smeltende ijskappen, woestijnen, bosbranden, overstromingen, migrerende bevolkingsgroepen en dieren in nood, maar ook via gesprekken op straat, harde en verhitte discussies op tv, alarmerende artikelen, dreigende boektitels en schokkende statistieken. In mijn geest heeft zich de afgelopen jaren geleidelijk een angstaanjagend en deprimerend beeld opgebouwd, dat mij oproept, nee toeschreeuwt om in actie te komen. Het wonderlijke is echter, dat er op het zelfde moment in mijn dagelijkse leefwereld niets is, dat die voorstelling bevestigt. Ik kijk uit het raam: het zonnetje schijnt, de mensen dragen dikke jassen tegen de kou, de wintervogels eten van de oranje bessen in mijn tuin en de kale bomen staan er gracieus bij, geduldig wachtend op het voorjaar. Niet bepaald een sfeer om ten strijde te trekken.

Dat dubbele gevoel verklaart wellicht waarom ik, ondanks de alarmbel in mijn hoofd, rustig op mijn stoel zit. Natuurlijk, het ligt voor de hand, dat we als mensheid ons leefgedrag moeten leren aanpassen aan de veranderingen. Alleen, ik heb nu nog geen idee waar ik moet beginnen? Moet ik mijn auto direct verkopen? Moet ik mijn ijsmuts nu weggooien of juist niet? Mijn actiebereidheid wordt gesmoord door gevoelens van onzekerheid over dit vooralsnog ongrijpbare klimaatvraagstuk. Eerlijk gezegd, denk ik, als ik zo vrij mag zijn, dat zowel de activisten als de sceptici het ook niet weten en gewoon maar wat roepen. No offence! Zo werkt het nu eenmaal. De rationaliteit van ons handelen wordt vaak overschat. Het ‘uitstaan’ van onzekere tijden en geduldig wachten op echte antwoorden is nooit een sterke eigenschap van mensen geweest. Liever zoekt men bij onrust zo snel als mogelijk onderdak bij gelijkgestemden en zingt men het lied lustig met hen mee, of de tekst nu begrepen wordt of niet.

Verder is het hele klimaat debat inmiddels zo gedrenkt in politiek en economische belangen, dat ik de indruk krijg, dat het vaak niet meer om de waarheid van het betoog gaat, maar om het lucratieve voordeel van het gelijk. ‘We leven in een ‘post-truth era of meaningless pledges, applause-line rhetoric and politics as entertainment’, las ik van de zomer in een Engelse krant. Dat geeft de situatie aardig weer. Wie zit daar op te wachten? Ik wil graag in het kader van het klimaat vanuit inzicht en verantwoordelijkheid handelen en niet zomaar zonder kennis van zaken dingen roepen of doen, die achteraf onzinnig of onverstandig blijken te zijn. Die wat voorzichtige, ingetogen houding is wellicht voor veel activisten te passief en zal ongetwijfeld als onverantwoord, zwak en besluiteloos worden geïnterpreteerd. Dat is dan spijtig. Ik troost mijzelf met de opbeurende en vermakelijke woorden van de filosoof Bertrand Russell: ‘The painful thing about our time is that those who feel certainty are stupid and those with any imagination and understanding are filled with doubt and indecision. Let doubt prevail’.

Voorlopig sta ik dus wat betreft het klimaatvraagstuk op het standpunt van niet-weten. Van daaruit volg ik het debat, verdiep ik mij onderzoekend in het vraagstuk en doe ik per definitie het mijne om het milieu te sparen. Met velen ga ik steeds voorzichtiger en zuiniger met de aarde om: ik scheid het afval, vermijd plastic als dat kan, eet amper nog vlees, ga vaker met het openbaar vervoer, enzovoort. En vanzelfsprekend denk ik zelfkritisch na over de confronterende vraag of ik mijn kop misschien toch niet teveel in het zand steek en ik straks, als het voor de natuur onverhoopt toch te laat blijkt te zijn geweest, sukkelig en schuldig moet bekennen, dat ik het niet geweten heb. Dat hebben we eerder meegemaakt en is zeker niet de bedoeling.

De sociale druk is dus terecht hoog. Echter, de roep van binnenuit is toch net iets krachtiger. Die zegt me niet blind achter heersende meningen over klimaatverandering aan te hollen en mij wild in het gedruis te storten, maar de onwetendheid net zo lang alert en onderzoekend ‘uit te staan’, totdat het echte inzicht gloort en ik bewust mijn ver-antwoord-elijkheid kan nemen.